Het opmerkelijk is dat bepaalde thema’s en verhalen, die we van latere werken kennen, hier al hun intrede doen, weliswaar op elliptische wijze, – het Gilgamesj-epos telt minder dan 100 pagina’s en staat vol lacunes, omdat een aanzienlijk deel van de kleitabletten nog niet is teruggevonden. Er bestaat onder historici de hoop ze ooit allemaal op te graven, maar voorlopig moeten we het met een verhaal vol hiaten stellen, al zijn de hoofdlijnen duidelijk.
Categorie archief: Literatuur
Dino Buzzati: De Tartaarse woestijn
Het hoofdthema en waarschijnlijk de grootste sterkte van het boek is de schildering van de ontnuchtering; de realisatie dat de vervulling van dromen en hoop uitblijft, dat de hoop zelf op zand was gebouwd. Drogo denkt voortdurend dat de Betekenis van zijn leven nog in het verschiet ligt. Maar de vertelling maakt van bij het begin duidelijk dat het wachten vruchteloos is, wat er ook gebeurt.
Jamil Ahmad: The wandering falcon
De vele verhalen worden samengehouden door de achtergrond, het woeste Baluchistan, en vinden daarin hun eerste en meest direct rakende kracht. Ahmad is geen schilder in zijn taal; hij schrijft korte zinnen en gebruikt niet meer adjectieven dan nodig, maar net daardoor – en een zuinig gebruik van een melancholische toon – zijn zijn beschrijvingen van de afgelegen rotsige hoogtes, de woestenij en zandstormen zo duizelingwekkend.
Molière: Le misanthrope
Molière was als theaterauteur zo vermetel dat geen enkel obstakel zijn genie in de weg stond. Hij moest rekening houden met de keizerlijke censuur en de smaak van de adellijke kringen en zag zich in het classicistische Frankrijk verplicht tot rijmende verzen; maar zijn spottende commentaren op toentijdse zeden en gewoontes hebben zijn tijdperk moeiteloos overleefd.
Álvaro de Campos (Pessoa): Sigarenwinkel
Tabacaria (Sigarenwinkel) is waarschijnlijk Pessoa’s beroemdste gedicht, een lange reflectie op de verhouding tussen idealisme en een betekenisloze realiteit, dat graaft tot de wortels van het alles en het niets.
Samuel Beckett: Molloy/Malone dies/The unnamable
De dood staat centraal in de trilogie, zoals in Becketts hele oeuvre. Beckett is de schrijver in het Westen die zich het thema van de eindigheid het meest heeft toegeëigend. Net zoals je niet meer over jaloezie kan schrijven zonder Othello en Shakespeare in het achterhoofd te houden, is het onmogelijk de ijdelheid van het bestaan te benoemen zonder met Becketts schaduw te worstelen. Of nog: Beckett lezen is voor de eerste keer sterven, als een generale repetitie.
Anton Tsjechov: De kersentuin
Tsjechov vat de overgang van een oude wereld van standen en eer naar een nieuwe wereld van efficiëntie en geld, maar doet dat niet via maatschappijanalyses of uitgesponnen familiegeschiedenissen, maar wel in een stuk dat cirkelt rond het lot van één kersentuin. Het is die toespitsing die de melancholie zo tastbaar en het stuk daarom zo krachtig maakt.
Samuel Beckett: Endgame
♞ PERSONAGES Hamm: meelijwekkend figuur die in een rolstoel zit en blind isClov: zijn dienaarNagg: Hamms vaderNell: Hamms moeder ༄ OPENINGSZIN CLOV: (Fixed gaze, tonelessly.) Finished, it’s finished, nearly finished, it must be nearly finished. Van het begin af staat het doodsthema centraal. Alle dingen lopen op hun einde; de titel geeft ook al aan dat deMeer lezen over “Samuel Beckett: Endgame”
Yasunari Kawabata: Duizend Kraanvogels
Kawabata slaagt erin de dunne plot tot in de diepte uit te werken, niet door grootse stijlmiddelen of dramatische dialogen; maar juist door het suggestieve te versterken. Dat begint bij zijn stijl: steeds elegant in zijn eenvoud, met korte zinnen en herhalingen die de beheersing kracht bijzetten.
Philip Roth: Operation Shylock
Het leukste aan Philip Roth-romans is de ritmiek van zijn zinnen, de stuwende kracht van de gedachtestromen, tirades en monologen, de lichtvoetigheid die hij op de een of andere manier zelfs bij de zwaarste onderwerpen weet te bewaren. Van alle werkelijk grote schrijvers is hij misschien wel de meest vermakelijke.
