Het leukste aan Philip Roth-romans is de ritmiek van zijn zinnen, de stuwende kracht van de gedachtestromen, tirades en monologen, de lichtvoetigheid die hij op de een of andere manier zelfs bij de zwaarste onderwerpen weet te bewaren. Van alle werkelijk grote schrijvers is hij misschien wel de meest vermakelijke.
Auteur archief:waaromishetgoed
Yukio Mishima: Een zeeman door de zee verstoten
Deze novelle is pure Mishima: enerzijds zegeviert de stilistische rijkdom, met gedetailleerd zorgvuldige beschrijvingen, anderzijds heersen een beklemmende sfeer en plastische wreedheid, die de schoonheid haar harmonie ontnemen.
László Krasznahorkai: Satanstango
Net als de bijbelprofeet Jeremia (Jeremiás in het Hongaars) kaart Irimiás de zonde van de mensen aan (hij verklaart hen schuldig aan Estikes dood) en wijst vooruit naar een andere wereld. Hij is tegelijkertijd zwerver, dief en begenadigd spreker, die de blik van mensen kan losbreken, maar de laatste forinten van de dorpsbewoners van hen afneemt.
Henrik Ibsen: Bouwmeester Solness
Naarmate de dialoog vordert wordt bouwmeester Solness van een chagrijnig en egoïstisch mannetje tot een tragisch en meelijwekkend figuur, wat Ibsen uitvergroot met symboliek: hij blijkt enorm aan hoogtevrees te lijden, zodat hij de hoge gebouwen die hij zelf ontwerpt niet eens kan beklimmen.
Machado de Assis: Dom casmurro
Susan Sontag vraagt zich terecht af waarom Machado’s naam niet bij de meest bekende klinkt, Bloom noemt Machado ‘the supreme black literary artist to date’. Machado de Assis heeft een unieke vertelstijl met Sternes ironie, priemende sociale analyses, grootse personages, een Shakespeariaanse tekening van emoties en is daarbij ook nog eens geestig.
Franz Kafka: In de strafkolonie
Meerdere lezingen zijn mogelijk; uiteindelijk is de enige lezing die er werkelijk toedoet die van het verhaal zelf, dat van de eerste tot de laatste zin ijzingwekkend is. Kafka schept een universum dat door de onderkoelde stijl en de opvallende details op geen enkel moment op een allegorie lijkt (hoewel het allegorische interpretaties uitnodigt): het is een werkelijkheid zoals de onze.
Osamu Dazai: de ondergaande zon
Het is iets met Japanners, de kracht om een slepende eenzaamheid en existentiële leegte even kaal af te beelden. Dazai is er meester in: op 125 pagina’s schetst hij een volledig innerlijk leven van een jonge vrouw, met alle lagen radeloosheid, zonder een reële actie in haar eigen leven nodig te hebben.
György Konrád: De bezoeker
Een ambtenaar van de sociale dienst schrijft zijn lotgevallen neer, de bureaucratische omgang met de mensen aan de zelfkant van de maatschappij. Hij doet wat hij moet doen; hij handelt de zaken diplomatisch af, verschuift de gevallen vooruit in de tijd omdat hij weet dat de hulp beperkt is en laat komt. Maar hij komt niet in het reine met zijn taak.
Will Self: Foie humain
Will Self beschrijft in Foie humain de wijze waarop een stel dronkenlappen van middelbare leeftijd zichzelf dag na dag volledig lazarus zuipen, om elke seconde van hun wakende leven waarin ze niet moeten werken met een beneveld brein door te brengen. Dat is voor hen de enige manier om de dag te overleven. ‘U zal nergens anders een grappiger zootje tragische pimpelaars vinden dan hier.’
William Shakespeare: King Lear
Er is geen grens aan het lijden in King Lear. Van alle tragedies is het de meest tragische: je krijgt het gevoel dat Shakespeare het universele lijden van de Mens heeft weten te vatten binnen het bestek van één stuk. Zoals altijd deed hij dit door mimesis radicaal te verzaken en zowel personages als verwikkelingen te kiezen die aan gene zijde van het normale leven liggen, om zo de beslommeringen die met tijd en ruimte verknoopt zijn te overstijgen.
